Interview met bedrijfsarts Bart Wilke: de invloed van corona op verzuim

Blog

Dat Corona effect heeft gehad op het verzuim in Nederland kan geen verrassing zijn. Maar wist je ook dat er ongemerkt problemen ontstaan waarvan we ons veelal niet bewust zijn? Zijn bijvoorbeeld alle klachten van een medewerker toe te wijzen aan een besmetting of missen we hierdoor belangrijke signalen van andere problematiek? We gingen in gesprek met bedrijfsarts Bart Wilke over de ontwikkelingen van het afgelopen jaar en zijn waarschuwing en tips voor ondernemers.

Bart is sinds 2020 actief als bedrijfsarts voor Arboz. In deze rol is hij verantwoordelijk voor de supervisie en onafhankelijke beoordeling tijdens een verzuimtraject. Daarbij werkt hij niet alleen reactief, maar ook preventief: hoe voorkom je dat een werknemer in het verzuim raakt?

Waarom hield je een slag om de arm?

“Niet alleen het verzuim, maar ook de productievraag ging omlaag. Ik bedoel daarmee dat werkgevers in de eerste paar maanden flexibel omgingen met personeel dat thuis zat. Een goed voorbeeld zijn de gezinnen met kleine kinderen: werkgevers waren bereid om iets minder veeleisend te zijn omdat ze begrip hadden voor hun situatie. Ik vermoedde dat dit tijdelijk was en dat de productievraag weer zou toenemen en dus ook het verzuim. Wanneer de productievraag stijgt wordt de werkdruk namelijk ook groter. Daardoor groeit het aantal psychische klachten en stijgt het verzuim.”

Was dat de enige reden?

“Nee, ook de coronamaatregelen zouden natuurlijk effect gaan hebben op de lange termijn. Dat zien we nu ook terug in het werkveld. Ik kan nog geen concrete patronen aantonen natuurlijk, maar ik denk dat het effect van alle coronamaatregelen niet onderschat mag worden. Het vele thuiszitten heeft een psychisch effect op mensen. De grootste uitdaging voor ons bedrijfsartsen, en voor werkgevers, is daarbij nog steeds: hoe filteren we of iemand echt ziek is, of dat er misschien meer aan de hand is?”

In hoeverre speelt de huisarts een rol daarin?

“Ik merk dat de zorgvraag wat beter wordt gefilterd. Nu, met corona, zie ik dat mensen zichzelf heel bewust afvragen: moet ik echt naar de huisarts? Tegelijkertijd creëert de uitgestelde zorg juist weer een extra zorgvraag bij de huisarts. Klachten verergeren door de uitgestelde zorg, waardoor je alsnog naar de huisarts gaat. Het is dus in mijn ogen zowel een positief als negatief effect.”

Zie je nog andere positieve gevolgen van de pandemie als bedrijfsarts?

“Ik vind het videobellen een zeer positief effect van de situatie waar we nu inzitten. E-consulting is ineens booming geworden: efficiënt en effectief digitaal patiëntcontact hebben. E-consulting was al in populariteit aan het stijgen voor de coronapandemie, maar nu werden we gedwongen om hier vol op in te zetten. Tegelijkertijd besef ik me dat e-consults niet voor iedereen prettig zijn en dat veel consults écht fysiek moeten plaatsvinden.”

En hoe zie jij de coronasituatie nu ten opzichte van jouw werk als bedrijfsarts?

“De sjeu is er bij veel medewerkers inmiddels wel een beetje af. Tijdens consults zie ik dat sommige teams elkaar nog nooit fysiek ontmoet hebben en daardoor is de teamspirit minder goed. Verbetering daarin moet echt vanuit de leidinggevende komen, maar die zit, zeer begrijpelijk, in de waan van de dag. Leidinggevenden en medewerkers treffen elkaar te weinig en als ze dat doen, dan gaat het vooral over de inhoud en niet over het proces. Normaliter zie ik dat social talk zorgt voor een daling in het aantal psychische klachten.”

Schuilt er een risico in de effecten die je benoemt?

“Ja zeker. Normaliter zien we veel overspanningsklachten, zoals burn-outs en migraine. Onder de paraplu van COVID-19 worden die diagnoses misschien minder gesteld, want in de registratie blijft het vaak namelijk bij de eerste diagnose: corona. Dus als werkgever ga je ervan uit dat dit puur fysieke klachten zijn en die vanzelf wel weer over gaan, terwijl er onderliggend misschien nog wel andere problemen spelen. Psychische klachten zijn heel namelijk moeilijk grijpbaar. Het grote risico is dus dat psychische klachten niet – of verkeerd – gediagnostiseerd worden. Daardoor wordt er in veel gevallen te laat ingegrepen en wordt het moeilijker om verzuimende medewerkers de juiste ondersteuning te bieden. Ik zie namelijk dat psychische klachten vaker ten grondslag liggen aan verzuim dan medische klachten.”

Hoe ga je als werkgever daar op lange termijn het beste mee om volgens jou?

“Preventie! Dat klinkt misschien als een open deur, want uiteraard wil je beter voorkomen dan genezen. Ik zie alleen dat er nog onvoldoende gebruik wordt gemaakt van de mogelijkheden die er zijn op dit gebied. Een arbodienst kan hierin van toegevoegde waarde zijn door verzuimende medewerkers weer duurzaam terug in het werkproces te krijgen.”

Welke tip zou je willen meegeven aan werkgevers?

“Ga altijd open het contact aan, soms juist bij diegene bij wie dat het minst makkelijk gaat. Spreek iemand aan, ook digitaal! Geef iemand persoonlijke aandacht: de deur gaat dicht en de telefoon gaat uit, dan komt er meer naar boven dan je denkt. Even aandacht voor elkaar, waarbij je nog steeds kritisch mag zijn: leg met vriendelijkheid de vinger op de zere plek. Blijf daarnaast alert op signalen vanuit je medewerkers en schuif niet alles op Corona!

We zitten middenin in de transitie naar het nieuwe werken en door het coronavirus is dat in een stroomversnelling beland. Als je als werkgever flexibel zegt te zijn, laat dat dan ook echt zien aan je medewerkers. Om een voorbeeld te noemen: als je medewerkers hun eigen tijd laat indelen, maar ze moeten vervolgens wel elke ochtend aanwezig zijn bij de dagstart en ’s middags bij de dagsluiting, ben je dan wel echt flexibel? Geef vertrouwen en autonomie, dat zorgt voor een positief effect op de lange termijn. En uiteraard kun je alsnog ingrijpen wanneer dat vertrouwen misbruikt wordt.”

Benieuwd hoe wij kunnen helpen met verzuimpreventie? Neem dan gerust contact met ons op. We denken graag met je mee!

 

Gratis e-book

Rechten en plichten voor organisaties

Waar moet je als werkgever aan voldoen?